Menu

Platform voor samenwerking

Honeybee Valley wil het probleem van de bijensterfte aanpakken door samenwerking met diverse partners

Newsflash: Deelnemers gezocht voor INSIGNIA-EU

Apistrip 3 flemming

Honingbij volken zijn uitstekende verzamelaars van stuifmeel en nectar, maar ook van plantpathogenen en niet-biologisch materiaal zoals bestrijdingsmiddelen, luchtverontreinigingen en microplastics. Het INSIGNIA-EU project (2021-2025) bouwt verder op het pilootproject INSIGNIA (2018-2021) waarin een protocol werd ontwikkeld om stalen te verzamelen uit honingbij volken en zo een zicht te krijgen op de pesticiden residuen in de omgeving. INSIGNIA-EU breidt de analyse nu uit naar andere mogelijke vervuilingen in de omgeving, zoals luchtverontreinigingen (o.a. fijnstof), zware metalen en microplastics. Om na te gaan welke matrix het beste dient om de verontreinigingsstoffen (pesticiden, microplastics, zware metalen en luchtverontreiniging) te capteren en te onderzoeken, werden in afgelopen bijenseizoen 2022 allerlei stalen genomen uit bijenvolken (honing, was, propolis, pollen, bijen, APIStrips (zie afbeelding), APITraps en siliconen polsbandjes). In een volgende fase zullen de meest effectieve, praktische en betrouwbare methoden gekozen worden om op grotere schaal de milieuverontreiniging te monitoren in Europa.

Net zoals in het afgelopen INSIGNIA project, wordt in INSIGNIA-EU beroep gedaan op imkers om stalen te verzamelen in bijenvolken verspreid over 23 EU-landen. De resultaten van dit citizen-science onderzoek zullen gebruikt worden om de blootstellingsrisico’s van bijen aan milieuverontreinigingen en de stuifmeeldiversiteit over gans Europa in kaart te brengen. De Europese Commissie zal gebruikmakend van deze resultaten de effectiviteit van genomen politieke beslissingen inzake milieuverontreinigingen monitoren.

Honeybee Valley binnen de Universiteit Gent coördineert de staalname in België en vraagt hiervoor de medewerking aan 10 imkers verspreid over Vlaanderen en Wallonië. Een goede verdeling is hierbij belangrijk, net zoals het landschapstype (landbouw, bos- en semi-natuurlijk gebied of artificiële oppervlakken) en de landschapsdiversiteit (laag, medium of hoog). De staalnames zullen pas in het bijenseizoen van 2023 moeten uitgevoerd worden. Maar om alle voorbereidingen tijdig te kunnen organiseren, wordt nu reeds gevraagd om de deelnemers aan dit onderzoek te selecteren. Heb je interesse om deel te nemen, kijk dan zeker de voorwaarden en voordelen hieronder na. Vul daarna deze vragenlijst in, zodat we op basis van jouw gegevens 10 imkers kunnen selecteren die voldoen aan de verschillende landschapstypes, -diversiteit en verspreiding over België.

Meer lezen...

COLOSS bevraging over bijensterfte tijdens winterperiode 2021-2022

Coloss Logo 200Px

We kregen reeds een voorsmaakje van mooi lenteweer wat hopelijk betekent dat er een goed bijenseizoen begonnen is. Tijdens de warmere dagen kregen we zicht op het aantal bijenvolken dat de winter goed is doorgekomen. Om opnieuw een inschatting te kunnen maken van de bijensterfte in België vragen we jou als imker, de vragenlijst die vanuit Coloss wordt georganiseerd, in te vullen. In eerste instantie zal dit een beeld geven van de bijensterfte van de afgelopen winter, met eventuele regionale verschillen.

De vragenlijst omvat 35 vragen en neemt ongeveer 15 minuten tijd in beslag. Het is echter belangrijk deze tot op het einde zo goed mogelijk in te vullen. Als extra motivatie zullen we net als vorige jaren na het afsluiten van de enquête aan alle deelnemers die hun emailadres opgeven een adviesrapport op maat opsturen. Hierin zal aangegeven worden of de gehanteerde methode goed is of dat er mogelijks nog ruimte is om bij te sturen. Tips vanuit Honeybee Valley met betrekking tot uw bedrijfsmethode zullen dan ook meegegeven worden.

Alvast bedankt voor uw deelname!

Kreverhille-Honeybee Valley 1+1=3

IMG 1875

Reeds verschillende jaren levert het Comité Selectiewerk Vlaanderen (CSV) inspanningen om meer veerkracht in de Vlaamse honingbijen te telen. Een cruciale stap om het uitstekend teeltmateriaal onder de Vlaamse imkers te verspreiden, is het aanbieden van deze genetische eigenschappen op lokale bevruchtingsstations. Imkers kunnen er met hun geteelde moeren naartoe om deze aan te paren met darren uit sterk geteste en geselecteerde lokale bijenvolken. Om deze doelstelling meer kracht bij te zetten, slaan nu het bevruchtingsstation Kreverhille en Honeybee Valley de handen in elkaar.

(Afbeelding: vlnr Valérie Villers, Corné Boogaard, Maarten Meys, Dirk de Graaf, Ellen Danneels op de bevruchtingsstand Kreverhille)

Kreverhille beschikt over een prachtig domein van maar liefst 8000 m² met meer dan 440 schuilhuisjes, een bijenhal voor darrenvolken en een lokaal voor de nodige werkzaamheden. Kennis van koninginnen telen is er aanwezig en een enthousiaste omgeving/buurt waakt over de sociale controle. Honeybee Valley beschikt dan weer over kennis rond bijenteelt en selectie. De gegevens verzameld binnen het Vlaams Bijenteeltprogramma vormen een goede basis voor een samenwerking. Het CSV werd opgericht om het ganse proces van het inkruisen van specifieke lijnen, tot het testen van volken en het natelen en opvolgen van koninginnen trachten te stroomlijnen. Het breed-It programma is dan weer de plaats waar alle gegevens van de bijenvolken en de testresultaten van de koninginnen kunnen ingeven worden. Honeybee Valley voert verschillende laboratorium analyses uit zoals virusscreening en reproductie van varroamijten, verwerkt de ingevulde data en rangschikt de koninginnen volgens prestaties. Het teeltmateriaal van de best geplaatste koninginnen in de ranking komen dan in aanmerking om bij voorkeur van na te telen.

Een samenwerking tussen Kreverhille en Honeybee Valley biedt dus veel mogelijkheden en versterkt beide partijen. De originele lijnen van bij de opstart van Kreverhille kunnen actief bijdragen aan het selectiewerk en de opvolging ervan. Als partners van elkaar kan de huidige werking opgewaardeerd worden en kan gebouwd worden aan een meer uitgebreid netwerk. Dit fantastisch project zit ingebed in een mooie context met fijne mensen en wederzijds respect voor elkaar. Beiden zijn er dan ook van overtuigd dat de resultaten die imkers kunnen behalen met een aanparing te Kreverhille meer dan ooit een verbetering op de bijenstand kan verwezenlijken.

Professor Dirk de Graaf ontvangt eredoctoraat van USAMV

Eredoctoraat

Professor Dirk de Graaf heeft donderdag 23 september een eredoctoraat gekregen van The University of Agricultural Sciences and Veterinary Medicine in Cluj-Napoca, Roemenië. Hij ontvangt deze onderscheiding voor zijn baanbrekend werk op het vlak van bijenonderzoek. In zijn laudatio eert professor Daniel Dezmirean de betrokkenheid van professor de Graaf bij de implementatie van geavanceerde technologieën in het bijenonderzoek en dit voor een brede waaier aan onderzoekslijnen. Zo introduceerde Dirk de Graaf 20 jaar geleden al de DNA-vingerafdruk technieken in de diagnose van de bijenziekten en legde hij de fundamenten van de 'component resolved diagnosis' bij steekallergie. In de laatste jaren was hij erg actief op het vlak van selectie en bedrijfsvoering in de bijenteelt. Hij ontrafelde de genetische oorsprong van veerkracht tegenover de varroa-mijtziekte en ontdekte een erfelijkheidskenmerk dat de basis vormt van virusresistentie bij honingbijen. Momenteel is hij coördinator van het B-GOOD project van de Europese Commissie. In dit project wordt de gezondheidsstatus van een bijenvolk bepaald op basis van teledetectie en 'machine learning'. Het is de bedoeling om de imkers te gidsen in hun bedrijfsvoering door waarschuwingen te sturen telkens als de gezondheidsstatus van een bijenvolk afwijkt van een virtueel referentiekolonie. In zijn dankwoord wees professor de Graaf op het belang van technologische samenwerking om te komen tot grensverleggend onderzoek.

Afbeelding: Professor Dirk de Graaf met de oorkonde en geflankeerd door Rector Cornel Catoi (L) en professor Daniel Dezmirean (R).

Fotodonatie

Doneren

Zoeken

Doorzoek onze website

Archieven

Newsflash archief

Nieuws archief