Menu

Platform voor samenwerking

Honeybee Valley wil het probleem van de bijensterfte aanpakken door samenwerking met diverse partners

Onderzoek naar belang van omgeving bij virusresistentie

Picture1

Zondag 22 september is een levering van 20 Sloveense bijen kolonies in Gent aangekomen. Ik hoor je al denken ‘Professor de Graaf was toch eerder voor lokaal aangepaste honingbijen’. Helemaal waar! De levering kaderde in een onderzoek om de impact van de omgeving op de veerkracht van honingbijen te onderzoeken.

Professor de Graaf en zijn team hebben enkele jaren geleden van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek financiering gekregen om hun onderzoek naar virusresistentie verder te verdiepen. Het kaderde in een oproep waar bij partners in Slovenië diende gezocht te worden voor samenwerking. Gezien de jarenlange vriendschapsband met professor Ales Gregorc van de Universiteit van Maribor was die partner snel gevonden. Het project bouwt verder op de ontdekking van in 2020 dat de virusstatus van het ei een goede parameter is voor de virusresistentie van het volk. Immers, het kenmerk wordt sinds 2015 routinematig onderzocht in het kader van het selectieprogramma van de Universiteit Gent. Sinds 2016 wordt het zelfs gebruikt als uitsluitingscriterium, wat betekent dat moeren waarvan de eitjes in het darrenbroed virusziek zijn niet worden weerhouden voor nateelt. Het team van prof. de Graaf heeft al verschillende vervolg-publicaties over de effecten van dit kenmerk, met name op de verspreiding van virussen in het volk, in de nateelt en in de weefsels van de koningin. Veelal was dit in het kader van het doctoraat van dr. David Claeys-Bouuaert.

In het nieuwe project worden verschillende aspecten van dit kenmerk verder bestudeerd. Zo zal gepoogd worden om de genetische basis van het kenmerk in kaart te brengen. Tegen het einde van 2024 verwachten we hier meer duidelijkheid over te hebben. Maar de verhuis van de Sloveense bijenvolken kaderde in een onderzoekslijn waarbij de impact van de omgeving zal worden afgetoetst. Zowel in Vlaanderen als in Slovenië werden vooraf bijenvolken gescreend op het kenmerk, en het is de bedoeling om telkens een deel van de volken te verhuizen naar een nieuwe locatie om dan te zien wat het effect is op het tot uiting brengen van het kenmerk. Met de verhuis van Slovenië naar België krijgen de bijen niet alleen een nieuwe omgeving voorgeschoteld, maar ook een nieuw klimaat. Bovendien zullen sommige Sloveense volkjes verhuizen naar een eerder agrarische omgeving, daar waar anderen in een verstedelijkt gebied terechtkomen. Het valt te verwachten dat we met deze drastische ‘volksverhuis’ ook een antwoord zullen krijgen op de gestelde onderzoeksvraag: is de omgeving bepalend voor het tot uiting brengen van virusresistentie. In mei 2025 – van zodra het volk terug darrenbroed aanzet – zullen hiervoor de nodige onderzoekingen op de eitjes worden uitgevoerd in het laboratorium. Het is niet de bedoeling om het experiment te rekken tot de Sloveense darren mee kunnen doen aan de vrije paring. Hiermee zouden we immers afbreuk doen aan ons streven naar lokaal aangepaste bijen.

Oorspronkelijk was het de bedoeling om volken in de twee richtingen uit te wisselen, dus van Slovenië naar België, en omgekeerd. Doch verbiedt een Sloveense wet de invoer van bijenvolken in het land. Hiermee wil men de Sloveense carnica honingbij zuiver houden. En onderzoekers moeten zich zoals iedereen ook aan de wet houden, dus van een verhuis van Vlaamse honingbijen naar Slovenië kon geen sprake zijn.

Picture2

De eerste nacht zetten we de gesloten kasten nog binnen. Nadien verhuisden we ze naar verschillende locaties in het Gentse.

Zondag was het dan zover: imker Mitja Nakrst, koninginnenteler van het bedrijf CVET Beekeping, kwam met een volgeladen truck aan op de campus Sterre van de UGent. Om het transport in optimale omstandigheden te laten verlopen waren bijenkasten (in piepschuim en van het type Dadant) bovenaan afgesloten met een insectengaas in plaats van een deksel, waardoor er voldoende ventilatie mogelijk was. Tussen bijenkasten onderling, evenals tussen de verschillende lagen, werd met houten balkjes en een gril verhinderd dat de bijenkasten op mekaar gestapeld konden worden. Het geheel werd dan gestabiliseerd met spanriemen. Bij het uitladen bleken de honingbijen in een uitstekende conditie. Onmiddellijk werden ook de transportdocumenten overhandigd. Voor de eerste nacht werden de volken op paletten gestapeld in het gebouw S33 van de campus Sterre (waar Honeybee Valley gehuisvest is). Daags nadien werden op de verschillende geselecteerde locaties de voorbereidend werken uitgevoerd (maaien met de bosmaaier, worteldoek leggen en paletten klaarzetten) om de volkjes te verwelkomen. Na het openen van het vlieggat, konden de deksels er weer op. En nu maar hopen dat ze de winter doorkomen en we kort nadien de virusstatus van het ei kunnen bepalen in het laboratorium.

Zoeken

Doorzoek onze website

Archieven

Newsflash archief

Nieuws archief