Tobias Vitten, de secretaris van de Koninklijke Bijenteeltvereniging Eupen en Omstreken van 1896 VoG, pikte ons op aan het station in Eupen. Om de unieke ligging van het carnica bevruchtingsstation te tonen reed hij met ons dwars door de hoge bossen van de hoge venen waar de omgeving op zich helemaal niet interessant is voor bijen door het gebrek aan nectar en stuifmeel. Het feit dat er binnen een straal van 7 kilometer geen andere bijenvolken te vinden zijn, garandeert dat de maagdelijke koninginnen uitsluitend bevrucht worden door darren van het station. De voorzitter van de vereniging, Arnold Francois, legde uit hoe zij tot 350 koninginnen kunnen laten aanparen. De volkjes worden bij voorkeur aangeboden in Kieler kastjes of miniplus. De klassiek gebruikte EWK’s zijn mogelijk, maar ondervinden het meest last van de koude temperaturen op zo’n 600 meter hoogte. De aangeboden volkjes worden bij aankomst streng gecontroleerd op aanwezigheid van darren. Daarom vragen zij om bovenop de ramen van de volkjes een doorzichtige plastic folie aan te brengen wat inspectie mogelijk maakt.
Sinds 2010 biedt de vereniging aan imkers de mogelijkheid om koninginnen te laten paren met geselecteerde darrenvolken. Dit jaar werken ze voor het eerst samen met de AGT groep Rhein/Saar/Lux waarvan zij een hoogwaardige darrenlijn op het station aanbieden. De vereniging hecht groot belang aan het voorzien van lokaal teeltmateriaal dat grondige testing heeft ondergaan naar varroaresistente kenmerken. Vandaar dat zij de komende jaren willen meewerken aan de selectiewerkgroep van Honeybee Valley en willen bijdragen aan het selecteren naar virusresistente bijenvolken die tevens lage mijtreproductie vertonen.