Menu

Fix It

Wat kunnen imkers, landbouwers, natuurliefhebbers, beleidsmakers en burgers concreet doen om het tij te keren?

Zoeken




Geef veelmannerij een kans door vrije paring

DSC 0094

Marc Misotten zet de darrenvolken voor de avondbevruchting klaar

De genetische diversiteit van een bijenvolk wordt gegenereerd door het seksueel leven van de bijenkoningin dat zich kenmerkt door veelmannerij of polyandrie. De koningin paart gemiddeld met 12-15 darren, waardoor de werksters in een bijenkolonie halfzusters zijn van evenveel vaders. Bijenvolken die genetisch divers zijn scoren over het algemeen beter op tal van parameters. Zo verloopt de taakverdeling vlotter en zijn de overlevingskansen tijdens de winter beter. Hoge genetische diversiteit heeft ook positieve effecten op het aansturen van het foerageergedrag, de voedingsstatus van het volk, de broedzorg, de immuniteit van de individuele bijen en de weerstand van het volk tegen kalkbroed, virussen en de varroamijt.

Bij bijen gebeurt de paring in de vlucht in zgn. congregatiezones waar honderden of zelfs duizenden darren afkomstig van verschillende kolonies samenkomen om maagdelijke koninginnen uit de buurt te bevruchten. Dit betekent dat de imker in een selectieproces op basis van vrije paring moeilijk vat heeft op de ‘vader’ factor. Toch kan de vrije paring ook gecontroleerd gebeuren met darren uit geselecteerde bijenvolken. De onbevruchte moeren kunnen op een bevruchtingsstation geplaatst worden waar geselecteerde darrenlijnen op een geïsoleerde locatie staan. Met geen (of weinig) ‘vreemde’ darren in de omgeving, is de vaderlijn van deze moeren gekend. De imker kan ook ‘moonlight mating’ toepassen, waarbij moeren en darren van eenzelfde stand pas laat op het einde van de dag losgelaten worden. Doordat andere darren zo laat op de dag niet meer actief zijn, worden de moeren veelal bevrucht door de darren van de eigen stand.

In beide gecontroleerde vormen van aanparing gebeurt de bevruchting - in tegenstelling tot kunstmatige inseminatie - op een natuurlijke manier en vrij in de lucht. Enkel de meest vitale darren slagen er in om te paren. Doordat er een sterke competitie tussen de darren voorafgaat, zijn het enkel de grootste darren met het meest aantal spermatozoïden die de moeren bevruchten, wat een belangrijke factor is binnen natuurlijke selectie. Toch moet polyandrie zoveel mogelijk gegarandeerd blijven, ongeacht of de bevruchting nu natuurlijk of kunstmatig gebeurt. Hoe hoger de diversiteit van de bijenvolken die de darren aanleveren, hoe hoger de genetische diversiteit van de bevruchte moeren. In het streven naar vitale en weerbare bijenvolken, blijft deze genetische diversiteit van de vaderlijnen een cruciale factor.